- Hallo
- Goedemorgen
- Goedemiddag
- Goedenavond
- Tot ziens
- Doei
- Hoe heet je?
- Ik heet...
- Hoe gaat het met je?
- Goed, dank je
- Waar kom je vandaan?
- Ik kom uit Polen
- Aangenaam
- Alsjeblieft
- Dank je wel
- Hallo! Goedemorgen!
- Goedemorgen! Hoe gaat het met je?
- Goed, dank je. En met jou?
- Ook goed, dank je wel.
- Hoe heet je?
- Ik heet Anna. En jij?
- Ik heet Tom. Aangenaam!
- Aangenaam, Tom.
- Waar kom je vandaan, Anna?
- Ik kom uit Polen. En jij, waar kom jij vandaan?
- Ik kom uit Nederland, uit Utrecht.
- Ah, leuk!
- Nou, tot ziens, Anna!
- Doei, Tom! Tot ziens!
